Luchtplanten verzorgen: alles wat je moet weten

Een luchtplant of Tillandsia leeft in de natuur op andere planten, bomen of rotsen. Hoe spelen ze dit klaar? De naam verklapt het al een beetje, luchtplanten leven van lucht. Via hun trichomen, minuscule haartjes, nemen ze water en voedingsstoffen op uit de lucht. Ze hebben dus geen grond nodig om te overleven. Handig want zo kan jij ze op verrassende plaatsen neerzetten.

Luchtplanten zijn sterke planten en gemakkelijk te onderhouden. Maar er zijn toch een aantal factoren waar je rekening mee moet houden.

Omgeving

Licht

Zoals de meeste kamerplanten hebben ook luchtplanten nood aan licht. Zorg voor voldoende licht maar vermijd direct zonlicht. Als je luchtplant te veel zonlicht krijgt, zal hij minder vocht kunnen vasthouden en “verbranden”. Allemaal goed en wel maar hoe weet je nu wat ‘voldoende’ is?

Je kiest best voor een heldere en lichtrijke plaats in de buurt van een venster. Kies je voor een raam waar enkel de ochtendzon op schijnt of waar het licht tegengehouden wordt door bijvoorbeeld een boom dan kan je de luchtplant gerust op de vensterbank plaatsen. Heb je een raam waar de zon de volledige dag op schijnt dan zet je de luchtplant best naast het raam en zeker niet voor het raam op vensterbank. In dit geval kan je de luchtplant ook een plekje geven dat wat verder van het venster ligt.

Lucht

Het zal je niet verbazen dat lucht, meer bepaald de luchtcirculatie, een belangrijke factor is in de verzorging van luchtplanten. Hangt je luchtplant er triest bij en weet je niet wat er mis is? Zet dan eens een raam open of zet het plantje even buiten. Meerdere luchtplanten in één glas of pot? Let er dan op dat ook de middelste planten voldoende lucht krijgen.

Temperatuur

Het is moeilijk om de mist in te gaan met de temperatuur. Zolang de temperatuur boven het vriespunt blijft, zullen je luchtplanten niet klagen. Het is wel zo dat de temperatuur een invloed heeft op de hoeveelheid water dat ze nodig hebben.

Water en voeding

Water geven

Luchtplanten komen oorspronkelijk uit Midden- en Zuid-Amerika, gebieden met een hogere luchtvochtigheid. Het is essentieel om het verschil in luchtvochtigheid goed te maken door de luchtplanten van water te voorzien. Er zijn twee manieren waarop je luchtplanten water kan geven; onderdompelen of vernevelen.

Voor beide methodes gebruik je lauw water. Luchtplanten geven de voorkeur aan regenwater, hier halen ze naast vocht ook voedingsstoffen uit. Heb je geen regenwater voorhanden dan kan je kraanwater gebruiken. Houd er wel rekening mee dat luchtplanten zacht water verkiezen boven hard water. Als je met kraanwater werkt, kan je eventueel een luchtplantenvoeding aan het water toevoegen. Overdrijf hier niet mee, 1x maand is ruim voldoende, te veel voeding kan de luchtplant beschadigen.

Onderdompelen

Bij de methode onderdompelen, leg je de luchtplanten ongeveer 60 minuten in een badje met lauw (regen)water. Zoals je op onderstaande foto kan zien, blijft de basis van de luchtplant best boven het water. Als er water in de basis van de plant achterblijft, kan deze gaan rotten. Een luchtplant overleeft dit niet. Planten zonder basis, zoals Tillandsia Usneoides, kan je volledig onderdompelen.

Na het onderdompelen, is het belangrijk om het overtollige water voorzichtig af te schudden. Laat de luchtplanten vervolgens op een handdoek en zonnige plek drogen. Het drogen doe je best ondersteboven. Zo voorkom je dat er water in de basis van de luchtplant achterblijft met rot als gevolg. De luchtplant moet volledig droog zijn na 1 à 3 uren. Is dit niet het geval dan krijgt de luchtplant te veel water. Geef de hem dan minder vaak water of laat de plant minder lang in het water liggen.

Vernevelen

Bij deze methode besproei je de luchtplanten met lauw (regen)water. Dit kan gemakkelijk gedaan worden met een plantenspuit. Om rot te voorkomen, is het belangrijk om enkel de bladeren te besproeien en niet de basis van de luchtplant. Net als bij het onderdompelen, laat je de planten ondersteboven drogen op een handdoek.

Hoe vaak water geven?

De hoeveelheid water is afhankelijk is van de luchtvochtigheid, temperatuur en de hoeveelheid licht. Houd altijd in je achterhoofd: beter te weinig dan te veel water. Luchtplanten kunnen langere tijd zonder water leven, herstellen van een overdosis water is zeer moeilijk. Als startpunt kan je onderstaand schema volgen.

Warmere maanden:

  • 1 à 2x per week besproeien met regenwater

  • 1x per maand 60 minuten onderdompelen

Koelere maanden:

  • 1x per 2 weken besproeien met regenwater

  • 1x per maand 60 minuten onderdompelen

Let vervolgens op de symptomen van te veel of te weinig water en pas het schema aan waar nodig. Zijn de uiteinden van de bladeren bruin of krullen de bladeren naar binnen dan krijgt de luchtplant hoogstwaarschijnlijk te weinig water. Neemt de luchtplant het water niet op binnen 3 uur dan krijgt de plant te veel water.

Als de basis van de luchtplant bruin of zwart wordt en zacht aanvoelt dan heeft er zich rot aan de binnenkant gevormd door een te veel aan water. Let er op dat deze luchtplant niet samen met andere luchtplanten ondergedompeld wordt. Hierdoor kan de rot zich verspreiden naar de andere planten. Let wel op, de basis van sommige luchtplanten, waaronder Tillandsia juncea (lange plant op de foto’s), zijn van nature bruin. Voelt de basis van de plant nog stevig aan als je er in knijpt dan is er niets aan de hand.

Share on facebook
Share on pinterest
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on email
Kriebelt het om zelf een luchtplant in huis te halen? Neem dan gerust een kijkje in onze webshop.
Winkelwagen
Scroll naar top